Weekend in Köln, en omstreken

Begin maart trokken Kris en ik een weekendje naar het noorden van de Eiffel. Bezoekjes aan Keulen, Monschau en de streek rond het Stolberg. Mijn duits is niet om over naar huis te schrijven, veel verder dan me wat verstaanbaar maken en de kaart lezen op restaurant kom ik niet en dat vind ik jammer. Soit.

Keulen deed me niet veel. De Dom is mooi en indrukwekkend maar ook veel te drukbezocht en lawaaiig. Hoe langer hoe meer wil ik plaatsen waar het druk is vermijden, merk ik. Als je de drukte even kan wegdenken, blijkt het toch, ondanks alles en niet voor iedereen, een plek van rust, bezinning en voor wie het van toepassing is, zingeving. En dan is het fijn vertoeven daar…

Kris

Kris

 

Het was druilerig, kil en nat, en dan lijkt alles vlak en levenloos. En misschien was ik ook wel  niet helemaal in de juiste stemming om volop te genieten van ‘elders te zijn’. Er gaat af en toe veel om in mijn koppeke. In alle geval, het was niet helemaal het beste moment om daar rond te gaan lopen.

Een paar impressies van de Hohenzollernbrücke waar geliefden en romantische zielen in hangslotjes hun naam kunnen laten graveren om ze daarna te laten verankeren aan de hekken. Voor eeuwig en altijd en tot het ding volhangt en met een grote tang leeggeknipt wordt. Of tot de roest zijn werk doet…

Keulen-05

Keulen-06

Zelf hebben we geen slotje gehangen, zoveel zin voor melige romantiek heb ik niet…

 

 

Voetbal is een spelletje, toch?

Paris-voetbal

Mijn zoon voetbalt. En hij doet dat graag, erg graag zelfs. Geen dag gaat er voorbij of zijn conversatie gaat over Vazquez, Mitrovic en andere Hazard’s. Elk moment dat hij kan, loopt hij te shotten in ons (veel te klein daarvoor) tuintje. Ik bekijk het met een gemengd gevoel. Leuk dat hij zich kan uitleven in iets wat hem duidelijk passioneert, hopend dat hij het zolang mogelijk kan en wil doen. Hopend vooral dat hij het zolang mogelijk leuk vindt…

Hij zit nu bij de U8 van de lokale voetbalclub, hier in de buurt. Twee trainingen in de week, en wedstrijd op zaterdag. Naar de wedstrijden kan hij  niet elke keer gaan, ik wil dat hij ook goed kan zwemmen – de zwemlessen zijn vaak op de zelfde momenten gepland. En soms komt er gewoon iets anders tussen.

En kan hij dan eens meedoen, zie je hem opleven, zijn ogen blinken en blijkt hij meteen 20 centimeter gegroeid… Jammer genoeg kan je zelf dan niet blijven kijken en supporteren en genieten van het spelplezier, want de dochters hebben ook hun balletles en moeten ook her en der heen worden gevoerd en opgehaald.

En dan kom je ruimschoots op tijd terug op de club, denkend dat je nog een groot stuk van zijn wedstrijdje kan bekijken, loopt de knul al met een gigantische hotdog rond. Troostvoer. De wedstrijd is na een kwartier afgebroken omdat er een paar ouders het nodig vonden amok te maken met de scheidsrechter over een in hun ogen foute beslissing. Een van de coaches besloot daarop om ‘er mee te stoppen voor vandaag’. Beteuterde,  niet-begrijpende kinderen en hoofdschuddende ouders. Kinderen van van 7 en 8 jaar. Ik was er niet bij, ik weet dus niet wat er is gebeurd. Maar begrijpen doe ik het niet…

Voetballen doe je omdat dat leuk is. Omdat je er iets van opsteekt, samen spelen, samen winnen en samen verliezen. Inzet, doorzettingsvermogen, omgaan met tegenslag en voorspoed. U kent de wollige uitspraken wel. Maar sportiviteit hoort daar niet bij, ondanks het gigantische bord dat in de kantine ophangt.

“Le football est un sport de gentlemen joué par des voyous, le rugby, c’est le contraire”. Het lijkt er steeds meer op dat de grootste voyous niet meer op het veld staan, maar vooral ernaast. En als ik dan een coach uit eerste klasse als een geschifte zie tekeer gaan, dan zitten ze zeker niet alleen in de tribune.

Ik ben dus een voetbalvader, maar ik weet niet of ik dàt zo leuk vind…